Meertaligheid in de klas


Mostaert
Wanneer een anderstalig kind start in het Nederlandstalig onderwijs, is het cruciaal dat het deze nieuwe taal zo snel mogelijk verwerft. Toch kunnen leerkrachten niet verwachten dat een anderstalig kind na één jaar Nederlandstalig aanbod al op eenzelfde taalniveau functioneert als zijn eentalige klasgenoten. “Uit onderzoek weten we dat het minstens vijf jaar duurt vooraleer een anderstalig kind eenzelfde talig niveau bereikt als zijn eentalige klasgenoten. Wanneer een kind daarenboven niet blijvend gestimuleerd wordt in zijn moedertaal, kan het zelfs zeven tot tien jaar duren vooraleer het een adequaat schooltaalniveau bereikt”, legt Charlotte Mostaert (expertisecentrum Code, opleiding logopedie & audiologie, Thomas More) uit. “Uiteraard zal het al sneller kunnen communiceren met zijn Nederlandstalige vriendjes. De taal uit de klas is immers een stuk moeilijker dan de taal die bijvoorbeeld op de speelplaats onder kinderen gebruikt wordt. Schooltaal is doorgaans abstracter, minder contextrijk, en vergt meer cognitieve inspanningen.”
Tine Van Houtven
“Om anderstalige leerlingen zo goed mogelijk te stimuleren en te begeleiden in hun proces van (school)taalontwikkeling, besteden leerkrachten naast de vakinhouden best tegelijkertijd ook aandacht aan de taal die nodig is om die vakinhouden te verwerven”, zegt Tine Van Houtven (expertisecentrum Code, lerarenopleiding lager onderwijs, Thomas More). “Ze kunnen dit doen door hun lessen zo contextrijk mogelijk te maken en veel interactie en taalsteun aan te bieden. Het vereenvoudigen van teksten of taken is geen goed idee. Als teksten vereenvoudigd worden, verliezen ze vaak ook een duidelijke structuur en opbouw en worden verbanden tussen tekstdelen implicieter. Aangezien taal, denken en leren onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn, werpt deze taalontwikkelende didactiek ook vruchten af voor moedertaalsprekers van het Nederlands.”

28 augustus 2014